Europese Unie

Het begin van de Europese Unie gaat helemaal terug naar de twee wereldoorlogen. Na de miljoenen doden en gewonden tijdens de eerste, maar vooral tijdens de tweede wereldoorlog, werd duidelijk dat de betrokken landen het verleden achter zich wilden laten. Ze wilden samenwerken om zich economisch en politiek te verenigen.

bron: www.pixabay.com

Omdat Europa heel veel verliezen had geleden, op verschillende vlakken, stelde de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, George Marshall, een plan voor dat gericht was op een economisch herstel van de getroffen landen. In 1947 stelden enkele West-Europese landen een herstelplan voor aan de Amerikaanse Senaat.

Het herstelplan bestond uit giften en leningen om de economie terug leven in te blazen, op vlak van industrie en energievoorziening. Afhankelijk van de grootte van het land en het aantal inwoners, kreeg elk land een ander bedrag toegewezen.

De achterliggende gedachte van het Marshallplan was de vrees voor de uitbreiding van het communisme onder leiding van Stalin in de Sovjet-Unie, die op deze manier toch enigszins kon ingedijkt worden.  

Toch was het niet enkel het Marshallplan dat ervoor zorgde dat West-Europese landen terug begonnen op te leven. De wil om een economisch herstel te bekomen was minstens even belangrijk. De landen voelden wel ondersteuning door het Marshallplan, waardoor ze een soort van monetair beleid konden opstellen. Dit monetair beleid was gericht op het herstel van de nationale economieën.

Gesterkt door het Marshallplan, begonnen in 1948 16 Europese landen een samenwerkingsverband onder de naam ‘Organisatie voor Europese Economische Samenwerking’ (afgekort OEES). Sinds 1961 is deze organisatie beter gekend als de OESO (of Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling). Ze staat in om het sociaal en economisch beleid te bespreken en te coördineren op Europees vlak.  

Op dit moment bestaat de OESO uit 36 landen, waaronder ook heel wat niet-Europese landen. Er wordt nu geprobeerd om op internationaal niveau het beleid op elkaar af te stemmen.

Niet veel later, in 1950, komt Robert Schuman, Frans minister van Buitenlandse Zaken, met een gedurfd voorstel. Een voorstel van een verenigd Europa. Het bekende Schuman-plan kan dan ook als de start gezien worden van de huidige Europese Unie. Robert Schuman wordt niet voor niets aanzien als één van de pioniers van Europa.  

In 1951 wordt het Schuman-plan goedgekeurd in het Verdrag van Parijs en vanaf dat moment gaan zes landen, waaronder België, samenwerken voor de productie van kolen en staal. De EGKS is geboren. EGKS staat voor Europese Gemeenschap van Kolen en Staal.

De reden achter de samenwerking was om een nieuwe oorlog te vermijden. Kolen en staal waren belangrijke grondstoffen voor de wapenindustrie. Aangezien de controle op kolen en staal in handen was van enkele landen, konden landen die hier geen controle over hadden, geen oorlog starten.

Enkele jaren later, in 1957 wordt de samenwerking uitgebreid naar meerdere sectoren en is de benaming EGKS niet meer voldoende. Er wordt vanaf dan gesproken over de EEG, of de Europese Economische Gemeenschap. De samenwerking wordt afgesloten via het Verdrag van Rome. 

Achter het Verdrag van Rome stond een andere pionier van de Europese Unie, nl. Paul-Henri Spaak (BE). Hij speelde een belangrijke rol bij de voorbereiding van het Verdrag van Rome.

In Europa zijn er alleen maar kleine landen. Het enige verschil is dat er landen zijn die dat weten en andere die het nog niet weten.

Paul-Henri Spaak

We maken een sprongetje in de tijd, want in de jaren ’60 en ’70 verandert er niet veel aan de structuur van de EEG. Begin jaren ’60 verdwijnen de douanerechten binnen de EEG-landen, waardoor de economische vooruitgang duidelijk wordt. Begin jaren ’70 treden drie nieuwe landen toe. Denemarken, Ierland en het Verenigd Koninkrijk brengen het aantal lidstaten op 9. In deze periode sneuvelen de laatste rechtse dictaturen in West-Europa, wat de deur openzet op een verdere uitbreiding.

Het Europees Parlement bestaat al sinds 1957, van bij de oprichting van de EEG, maar vanaf 1979 kunnen de leden rechtstreeks verkozen worden.

We maken terug een sprong. Dit keer van 16 jaar. In tussentijd voegen Griekenland, Spanje en Portugal zich bij de lidstaten, waardoor de teller op 12 komt te staan. Toch gebeurt in 1986 nog een belangrijk feit, namelijk het ondertekenen van de Europese Akte, waardoor het vrij handelsverkeer tussen de lidstaten makkelijker moet verlopen. Ook Berlijnse Muur valt in deze periode, wat de grens tussen Oost- en West-Europa doet vervagen.

1993 is een grote mijlpaal in de geschiedenis van de Europese Unie. Het vrij verkeer van goederen, diensten, personen en geld wordt mogelijk tussen de lidstaten. De twaalf landen ondertekenen het Verdrag van Maastricht en de EEG wordt omgevormd tot de EU. Met dit verdrag wordt het Europees burgerschap concreter.

De Europese Unie bestaat uit zeven instellingen, vier politieke en drie niet-politieke. De politieke instellingen vormen de wetgevende en de uitvoerende macht van de Europese Unie.

  • De Raad van de Europese Unie vertegenwoordigt de regeringen van de landen van de Europese Unie. Afhankelijk van de bevoegdheid wordt een andere minister afgevaardigd in de Raad van de Europese Unie. Ze nemen beslissingen in verschillende domeinen en deze zijn bindend. Het voorzitterschap is steeds in handen van één van de lidstaten en wordt elke zes maanden doorgegeven. Op dit moment is Zweden voorzitter (01/01/2023 – 30/06/2023).
  • De Europese Commissie zorgt voor het dagelijks bestuur van de Europese Unie. Ze zal het Europees belang vooropstellen. De Europese Commissie kan wetsvoorstellen doen die door de Raad van de EU kunnen goedgekeurd worden. Ze hebben een functie van toezicht en controle op de toepassing van de Europese wetgeving door de verschillende lidstaten. De Europese Commissie staat onder voorzitterschap van Ursula von der Leyen (DE). De voorzitter wordt gekozen voor een periode van vijf jaar.
  • Het Europees Parlement vertegenwoordigt de burgers van de Europese lidstaten. Elke vijf jaar worden de leden van het parlement rechtstreeks verkozen via Europese verkiezingen. Het aantal zetels per lidstaat is verdeeld volgens het bevolkingsaantal. Ze heeft een dubbele functie. In de eerste plaats kan ze wetten stemmen die in de Europese Commissie zijn voorgedragen. Daarnaast controleert ze ook het economisch beleid door vragen te stellen aan de Europese Commissie. De voorzitter van het Europees Parlement is Roberta Metsola (MT) en werd intern verkozen.
  • Daarnaast bestaat er nog een politieke instelling die vier keer per jaar samenkomt om de politieke agenda van de Europese Unie te bepalen. De Europese Raad bestaat uit de staatshoofden en regeringsleiders van de lidstaten, aangevuld met de voorzitter van de Europese Raad en de voorzitter van de Europese Commissie. De voorzitter van de Europese Raad is verkozen voor een periode van 2,5 jaar en is op dit moment Charles Michel (BE). De Europese Raad wordt gezien als het hoogste orgaan in de Europese Unie.

De niet-politieke instellingen behandelen respectievelijk de juridische taak, het monetair beleid en de begroting van de Europese Unie.

  • Het Hof van Justitie van de Europese Unie is de rechterlijke macht van de EU. Ze garandeert de toepassing van de Europese verdragen.
  • De Europese Centrale Bank zorgt voor de prijsstabiliteit in de eurozone door het monetair beleid te bepalen. Ze probeert er voor te zorgen dat de inflatie gecontroleerd blijft onder, maar dicht tegen de 2%. De voorzitter van de ECB wordt verkozen voor een periode van 8 jaar en is niet herkiesbaar. De huidige voorzitter is Christine Lagarde (FR).
  • De Europese Rekenkamer staat in voor de controle op het budget (inkomsten en uitgaven) van de Europese Unie. Ze waakt over de Europese begroting.

Een jaar later, in 1994, wordt een gemeenschappelijk monetair beleid besproken via het Europees Monetair Instituut, wat in 1998 omgevormd wordt tot de ECB. In 1995 treden opnieuw drie landen toe tot de Unie en zo komt met Oostenrijk, Finland en Zweden de teller op 15 te staan.

Via het Verdrag van Amsterdam in 1999 stelt de ECB haar eerste wapenfeit voor, namelijk de invoering van een gemeenschappelijke munt. Op 1 januari 2002 wordt de euro de officiële munt in 12 landen, vanaf dan de eurolanden genoemd. In de jaren die hierop volgen zien we het aantal lidstaten van de EU evolueren naar 27 in 2007.   

De Europese economie wordt getroffen door een financiële crisis, overgewaaid uit de Verenigde Staten van Amerika. Er is hulp nodig van de Europese Unie om ervoor te zorgen dat enkele landen het hoofd boven water kunnen houden. De ECB neemt enkele belangrijke maatregelen om de financiële crisis de kop in te drukken.

Within our mandate, the ECB is ready to do whatever it takes to preserve the euro. Believe me, it will be enough.

Mario Draghi, voorzitter ECB (2011 – 2019)

Zo stelt de ECB een economisch en financieel hulpprogramma voor, samen met het stabiliteitsmechanisme waarbij ze de rentevoeten in de eurozone in de juiste richting duwt. Heel wat landen hebben van financiële steun kunnen genieten van de Europese Unie, in de vorm van macro-economische aanpassingsprogramma’s. Er wordt dan geld geleend aan een lidstaat in ruil voor een aantal belangrijke besparingen, zodat het land werkzaam kan blijven.

In 2016 is de Europese Unie uitgebreid naar 28 lidstaten, maar er zijn ondertussen ook enkele eurosceptici gaan zetelen in het Europees Parlement. De Britten houden een referendum over een al dan niet uittreding uit de Europese Unie. Met een kleine meerderheid kiezen ze ervoor om de EU te verlaten. De hele Brexit-procedure duurde tot 31 januari 2020, wanneer het Verenigd Koninkrijk effectief de EU verlaat.

Na de uittreding van het Verenigd Koninkrijk telt de Europese Unie dus terug 27 lidstaten. De Europese Unie staat nog steeds voor grote uitdagingen, zoals de vluchtelingencrisis, het klimaatdebat en de oorlog in Oekraïne.  

bron: www.pixabay.com
Gebruikte bron: www.europa.eu